Fons Reijnen is geboren op 9 – 7 – 1960. Hij is de zoon van Herman Reijnen en Lies van Oyen. Tot zijn 39e jaar heeft hij in Egchel gewoond, dan 1 jaar in Heibloem en daarna geëmigreerd naar Invergordon in Australië. Na 2 jaar is hij verhuisd naar Numurkah in de staat Victoria. Deze plaats ligt ongeveer 200 km. van Melbourne in het zuidoosten van Australië.
Marjo Tielen is geboren op 26 – 3 – 1968. Zij is de dochter van Sef Tielen en Annie Cleven. In 1980 is Marjo samen met het gezin Tielen naar Australië geëmigreerd. In 1991 is zij teruggekomen naar Nederland. Het was de bedoeling om hier een jaar te blijven en te werken. Op Egchelse kermis is zij toen blijven “plakken” aan de heer Alfons Reijnen. In 1991 hebben ze een huis gekocht in Egchel aan de Rect.Thomassenstraat en in 1993 zijn ze getrouwd. Hun dochter Jamie is geboren in 1995 en hun zoon Mike in 1997. Op 16 november 2000 zijn ze geëmigreerd naar Australië. Wat Marjo trok om terug te keren waren vooral haar ouders en voor Fons was de ruimte erg belangrijk.

Momenteel zijn ze op vakantie in Egchel en wonen bij Hans van Sil op de van Enckevoortstraat 35 in Egchel. Half september gaan ze weer terug.

OPLEIDING:
Fons: Na de kleuterschool en de lagere school in Egchel ben ik naar de L.T.S. in Panningen (afdeling elektro) gegaan. In Australië heb ik nog verschillende cursussen gevolgd o.a. een melkcursus, de cursus kettingzagen en veiligheid in de bouw.
Marjo: Ik heb ook op de kleuterschool en de lagere school in Egchel gezeten. Vrij snel daarna zijn we geëmigreerd. Ik heb nog enkele maanden voor de 2e keer op de zesde klas samen met broer Richard gezeten. In Australië heb ik eerst de High-school (6 jaar) afgemaakt en daarna heb ik de opleiding verpleegkundige A met goed gevolg afgesloten. Ook heb ik de IC- CCU (de intensive care opleiding) aan de Hogeschool in Eindhoven met een goed resultaat doorlopen. Vervolgens ben ik Masters of learning and development gaan studeren aan de universiteit van Southern Queensland. Met dit diploma mag ik lesgeven op universitair niveau aan verpleegkundigen. Tenslotte heb ik nog een diploma wondverzorging behaald bij Monash Universiteit in Melbourne . (Fons: “dit is wel wat anders dan het mijn diploma kettingzagen”.)

BEROEP:
Fons: In Nederland ben ik begonnen als magazijnbeheerder bij van Ophoven isolatiematerialen in Maasbree. Tot 1980 heb ik daar gewerkt. Toen moest ik verplicht in militaire dienst bij de luchtmacht (10 weken opleiding in Nijmegen, 10 weken in Deelen op de Veluwe en daarna 30 weken in Eindhoven). In 1981 heb ik mijn eerste beroep weer opgepakt. Na de diensttijd was ik wel wat mondiger geworden en daardoor vond mijn baas het niet meer zo leuk met mij. In 1984 ben ik bij Limex begonnen (een bedrijf dat gespecialiseerd was in het schoonmaken van plastic bakken en kratten en dit gebeurde op verschillende veilingen in heel Nederland). In 1986 ben ik begonnen bij Océ in Venlo. Daar heb ik 14 jaar gewerkt in de montage van kopieerapparaten. In Australië ben ik voor mezelf begonnen met het opfokken van kalveren. In de tussentijd heb ik mijn melkdiploma gehaald en dagelijks in de morgen- en avonduren 220 koeien gemolken bij een Engelse boer.
We hebben ons huis na twee jaar verkocht en toen hebben we zelf een nieuw huis gebouwd. Daarna ben ik bij een Nederlandse boer in dienst gegaan. Deze had ongeveer 700 melkkoeien. Hij maakte indertijd al gebruik van melkrobots. Sinds 2013 werk ik bij Rubicon in de productie van allerlei soorten irrigatiematerialen.
Marjo: Ik heb altijd als verpleegkundige gewerkt. Ik ben begonnen in het Elkerliekziekenhuis in Helmond. Daarna naar het Elisabethziekenhuis in Venray waar ik op de Intensive Care-afdeling gewerkt heb. In 2000 zijn we voorgoed vertrokken naar Australië en heb daar in verschillende ziekenhuizen op diverse afdelingen in verschillende functies gewerkt. Tot nu toe heb ik altijd met volle liefde dit vak uitgeoefend. Voor mij is het belangrijk om een verschil te maken in kwaliteit van leven. Informeel draag ik ook mijn kennis aan anderen over; het liefst een op een.

HOBBY’S:
Fons: Daar ben ik gauw klaar mee. Ik heb daar geen tijd voor. Wat ik wel graag doe in mijn weinige vrije tijd, is kamperen en vissen aan de Murray (de grote Maas in Australië ).

Marjo: Wat ik heel graag doe, is knutselen (alles op het gebied van handenarbeid). Momenteel is mijn favoriete bezigheid hierin quilting. Dit houdt in: stoffen dekens maken met bepaalde patronen. Ik lees ook heel graag en de uitvinding van de E- boeken vind ik geweldig. Ik lees Engelse en Nederlandse boeken van allerlei genres. Mijn mooiste boeken zijn medische mysteries o.a. van Robin Cook of Michael Palmer. Ik vind het ook fijn om met mijn dochter Jamie naar paardenconcoursen te gaan.

Waarom wel emigreren naar Australië ?
– Veel ruimte. Je kunt landelijker wonen met heel wat meer ruimte dan in Nederland (ons perceel is 4000 vierkante meter en we hebben een groot huis met 4 slaapkamers op de begane grond. Als je dit in Nederland zou moeten kopen, ben je al gauw 1 miljoen euro kwijt).

Marjo: Wat ik heel graag doe, is knutselen (alles op het gebied van handenarbeid). Momenteel is mijn favoriete bezigheid hierin quilting. Dit houdt in: stoffen dekens maken met bepaalde patronen. Ik lees ook heel graag en de uitvinding van de E- boeken vind ik geweldig. Ik lees Engelse en Nederlandse boeken van allerlei genres. Mijn mooiste boeken zijn medische mysteries o.a. van Robin Cook of Michael Palmer. Ik vind het ook fijn om met mijn dochter Jamie naar paardenconcoursen te gaan.

Er is (in ieder geval voor ons ) minder stress.

–         Er zijn bredere wegen, waar je gelukkig overal goed kunt doorrijden. Files zijn er niet. Op een afstand van 250 km. van ons huis naar het vliegveld, hoeven we maar tien keer de richtingaanwijzer te gebruiken.

Waarom niet emigreren naar Australië ?

–        Het sociale leven (zeker voor de jeugd; er is geen Kubke of Aerts als uitgangsmogelijkheid ).

–         Mensen die bang zijn voor spinnen of ander ongedierte en zelfs voor slangen kunnen beter niet in Australië gaan wonen. Bij ons in de buurt komen twee giftige slangensoorten voor, te weten de Brown – en Tiger snake.

 

 

 

 

Brown snake

 

 

 

 

Tiger snake

De afstanden zijn enorm groot. Wij schrikken er niet van om 1000 km. te rijden om ergens voor een weekendje op bezoek te gaan. Ook een dierentuin bezoeken en dan op een dag 600 km. te rijden,daar draaien we onze hand niet voor om.

Tenslotte als advies zouden we mee willen geven: ga niet emigreren met kinderen ouder dan 7 of 8 jaar.

TOEKOMSTDROOM:
Gelukkig en gezond leven , zonder al te veel financiële zorgen. We hopen verder nog veel te kunnen reizen in zowel Australië als in de rest van de wereld. (Fons:”en misschien nog wel eens naar Nederland komen om lekker een frietje zuurvlees en een gehaktbal met echte mayonaise te eten en dan bij Manders , waar anders, een lekker koud glas Lindeboom te drinken”).

LAATSTE WOORD:
Het is jammer, dat de afstand tussen Australië en Nederland zo groot is en dat je zo lang moet vliegen om deze afstand te overbruggen.
We zijn hier nu drie weken op vakantie en willen iedereen (d.w.z. ook de mensen,die we door omstandigheden niet hebben kunnen bezoeken) het beste wensen voor de toekomst. Speciaal willen we bij deze Hans van Sil heel hartelijk bedanken voor alles wat hij voor ons gedaan heeft.

Dit interview werd afgenomen op 7 september 2013 door Ves Wilms

Pin It on Pinterest